Dr. Ted van Essen was 40 jaar huisarts in Amersfoort. In 1995 promoveerde hij in Utrecht met een onderzoek over de griepprik. Dat onderwerp heeft hem nooit losgelaten. Ook is hij toezichthouder bij Dimence, een grote GGZ-instelling in Overijssel, en bij de Leidsche Rijn Julius Gezondheidscentra. Daarnaast is hij als huisarts vaste deskundige in het tv-programma Tijd voor MAX. Daarin beantwoordt hij inmiddels dagelijks vragen over het coronavirus, hetgeen hij nu ook doet in het weekblad MAXMagazine. Ted van Essen houdt onderstaand pleidooi als voorzitter van de Nederlandse Influenza Stichting.

Nederlands vaccinatiebeleid moet van achterhoede naar voorhoede

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) heeft extra griepvaccins ingekocht, vanwege de verwachte hogere vraag dit najaar naar de ‘griepprik’. Sinds begin deze eeuw is in Nederland de vaccinatiegraad onder risicopersonen gedaald van 75 naar 50 procent, maar gelukkig stijgt die de laatste jaren weer iets.

Door de coronaziekte COVID-19 is het besef toegenomen dat het verstandig is om met vaccinaties luchtweginfecties te voorkomen.

De kans dat het coronavirus gelijktijdig met het influenzavirus oprukt is een schrikbeeld voor de zorg. De griepprik voor zorgverleners kan helpen om de beschikbaarheid van het personeel op peil te houden én besmetting te voorkomen van kwetsbaren personen door zorgmedewerkers. De vaccinatiegraad onder ziekenhuismedewerkers is de laatste jaren wat gestegen, tot 33 procent, maar in andere zorginstellingen wordt dat niet eens bijgehouden. Dat steekt mager af bij veel andere landen, waar soms een dekking van 95 procent wordt gehaald, ook zonder verplichting.

Gebrek aan innovatie

Nederland had altijd de hoogste vaccinatiegraad tegen griep, maar gebrek aan innovatie heeft die voorsprong tenietgedaan. Zo is Nederland het enige land in Europa dat de griepprik voor alle zwangeren nog niet heeft ingevoerd, terwijl de WHO dat al in 2012 adviseerde. Het zogenoemde ‘quadrivalente’ griepvaccin (dat beschermt tegen vier verschillende griepvirusstammen) is pas in 2019, na een advies van het Outbreak Management Team (OMT) ingevoerd. Wat betreft het hoge-dosisvaccin, ‘adjuvans vaccin’ én levend vaccin voor kinderen, is het wachten op een advies van de Gezondheidsraad. Te lang is ervan uitgegaan dat het simpel meesturen van een foldertje voldoende was om de doelgroep te informeren.

Rijksvaccinatie

Ook bij het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) is te lang gerust op de lauweren van een hoge vaccinatiegraad bij kinderen. De HPV-vaccinatie tegen baarmoederhalskanker trekt gelukkig weer wat aan. Maar een infectie met het Humaan papillomavirus (HPV) kan ook leiden tot genitale wratten. Met een vaccinatie met meer dan twee types kan je ook die genitale wratten voor een groot deel voorkomen. Nederland zet een HPV-vaccin in dat beschermt tegen twee subtypen, waar andere landen vaccineren tegen vier of zelfs negen subtypen.

Dat geldt ook voor vaccinaties tegen pneumokokken: infecties die het meest voorkomen bij kinderen onder de vijf jaar en bij ouderen. Nederland vaccineert met het 10-valente PCV-10, dat een minder brede dekking heeft dan het 13-valente PCV-13. We hebben een van de hoogste incidenties bij kinderen, wat wordt veroorzaakt door serotypen waartegen PCV-13 wel en PCV-10 niet beschermt. Ook daar lopen we onmiskenbaar achter in Europa. Dit jaar zijn eindelijk vaccinaties in het RVP opgenomen tegen pneumokokkenziekte bij ouderen. Ook bij dit late besluit lijken de kosten meer leidend te zijn geweest bij de keuze van het vaccin dan de kwaliteit.

Uitbreiding

Niet alleen door een bredere dekking kunnen we gezondheidswinst behalen; ook door vaccinaties aan het RVP toe te voegen. Hier kunnen we eveneens een voorbeeld nemen aan andere landen. Neem het rotavirus: een veelvoorkomende ziekte onder baby’s en kinderen, met als gevolg ernstige diarree, overgeven en koorts. Al deze effecten zorgen voor uitdroging, wat ernstige gevolgen kan hebben onder baby’s en kinderen. Het toedienen van een vaccin voorkomt dat.

Minstens zo schrijnend is het vaccinbeleid rondom meningokokken. Een meningokokkeninfectie kan net als een pneumokokkeninfectie leiden tot ernstige complicaties, zoals bloedvergiftiging en hersenvliesontsteking. Serotype B is momenteel het meest voorkomende serotype bij baby’s. De desbetreffende vaccins zijn beschikbaar, maar zijn niet opgenomen in het RVP.

Kosteneffectief

Nederland geeft ongeveer 0,014% van het bruto binnenlands product uit aan vaccinaties. Dat komt neer op circa 6 euro per Nederlander. Dat is weinig in vergelijking met andere landen. Neem Duitsland, dat hiervoor ongeveer 16 euro per inwoner uitgeeft. Relatief zijn de kosten van het RVP (circa 100 miljoen euro per jaar) zeer beperkt: iets meer dan 1 procent van het macrozorg-budget. Voor het verkrijgen van een coronavaccin worden (terecht, uiteraard) kosten noch moeite gespaard. Met een heel geringe investering belandt Nederland ook bij andere ziekten die met vaccins te voorkomen zijn weer in de Europese vaccinatievoorhoede. Dat zijn we aan onze stand verplicht.

Tot slot: ik hoop dat de vraag naar de griepprik dit jaar inderdaad toeneemt, ook bij zorgmedewerkers. Helaas is de voorraad wereldwijd beperkt. Gezien de productiecyclus van een jaar is het zinvol om al voor het seizoen 2021/22 een bestelling te plaatsen.

Te lang is ervan uitgegaan dat het simpel meesturen van een foldertje voldoende was om de doelgroep te informeren.

Foto: Tom Wieden/Pixabay