Klein eerste onderzoek binnen 54 gezinnen in Nederland, waarin volwassenen besmet bleken met corona

AMSTERDAM/BILTHOVEN – Kinderen spelen hoegenaamd geen rol in de overdracht van het SARS-CoV-2 virus, de complexe naam van het nieuwe coronavirus. Hun aandeel daarin is onbelangrijk. Dat blijkt uit het maanden geleden aangekondigde gezinsonderzoek onder 54 gezinnen in Nederland door het RIVM. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu stelt dat er ‘geen aanwijzingen’ zijn dat kinderen het coronavirus hun gezin hebben binnen gebracht.

Kinderen kunnen wel degelijk geïnfecteerd raken en ook ziek worden, maar dragen het virus zelf niet of nauwelijks over. Het overspringen van een besmetting (‘transmissie’) vindt vooral plaats tussen volwassen leeftijdsgenoten onderling, en van volwassen gezinsleden naar kinderen, dát gebeurt wel. Dit signaleren de RIVM-onderzoekers in hun wetenschappelijke verslag in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG).

Monsters

Het RIVM volgde in Nederland de corona-infecties binnen, zoals gezegd, 54 gezinnen van volwassenen bij wie het nieuwe coronavirus was vastgesteld. De studie werd uitgevoerd toen het onderwijs in Nederland volledig plat lag. Totaal werden neus-, keel-, speeksel- en bloedmonsters van 227 personen onderzocht. Bij het onderzoek waren er 239 gezinsdeelnemers betrokken, waaronder 109 kinderen. Uit de resultaten blijkt dat kinderen onder 12 jaar minder vaak besmet werden dan volwassenen en jongeren tussen 12 en 17 jaar.

De gezinsleden hielden op verzoek van het RIVM en de GGD hun eventuele gezondheidsklachten bij. Daartoe werd een vragenlijst ingevuld over symptomen, het soort contact dat de mensen hadden met het besmette gezinslid, de woonsituatie en eventuele onderliggende aandoeningen. Het gezin verzamelde ook gedurende een maand monsters van de ontlasting. Als een gezinslid ziek werd, nam de GGD opnieuw een neus- en keelmonster af om te testen of de persoon ook COVID-19 heeft. Twee tot drie én vier tot zes weken na het eerste huisbezoek werden van het hele gezin nog eens monsters afgenomen.

Influenza

Virusoverdracht tussen kinderen onderling of van kinderen naar volwassenen, zoals bij influenza (griep) vaak gebeurt en daarmee heel ‘gewoon’ is, lijkt minder vaak voor te komen bij het nieuwe coronavirus. Er lopen daarnaar nog onderzoeken in Nederland en het buitenland; zij moeten meer inzicht verschaffen in de eventuele ‘besmettingsrol’ van het kind op de kinderopvang en op school.

De groep onderzoekers noemt het ,,een opvallend kenmerk van de COVID-19 pandemie” dat kinderen minder vaak en minder ernstig ziek worden dan volwassenen. In China, Zuid Korea, Italië, de regio Madrid in Spanje en in de Verenigde Staten ging het om slechts 1 tot anderhalf procent van de SARS-CoV-2-infecties die bevestigd waren in het laboratorium bij personen in de leeftijd van nul tot 19 jaar. In Nederland is dit dan niet anders.

Om de rol van kinderen in verspreiding van het nieuwe coronavirus verder te onderzoeken – nu de scholen weer open zijn -, neemt het RIVM vijftig nieuwe gezinnen in de vervolgstudie op. Via de GGD worden op dit moment al gezinnen van positief geteste kinderen benaderd voor deelname aan het onderzoek.