De Stichting OLIJF, netwerk voor vrouwen met gynaecologische kanker, vraagt extra aandacht voor de preventie van baarmoederhalskanker. Olijf roept daarom op dat vrouwen, ook in deze coronatijd waarin de zorg onder druk staat, een afspraak maken met de huisarts wanneer ze een oproep krijgen voor het uitstrijkje. Of wanneer er tussentijdse klachten zijn, zoals bloedverlies na het vrijen, bloedverlies tussen de menstruaties door of afscheiding die er anders uitziet dan normaal.  

Het enige dat ik kon denken was: ‘ik wil geen kanker in mijn lijf’ en ‘ik wil negentig jaar worden’

UTRECHT – Dat haar hartkloppingen te maken hadden met een voorstadium van baarmoederhalskanker, had Marion (33) nooit kunnen bedenken. Haar menstruaties waren heftig, maar of die heviger waren dan die van andere vrouwen wist ze niet.

,,Door die hoge hartslag besloot ik toch maar naar de dokter te gaan. En na een aantal onderzoeken werd ontdekt dat ik draagster ben van het Humaan papillomavirus HPV en daardoor een voorstadium van baarmoederhalskanker had ontwikkeld.”

Elk jaar worden in Nederland circa 800.000 vrouwen uitgenodigd om deel te nemen aan het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker, het zogenaamde uitstrijkje. Slechts zes op de tien vrouwen geeft hier gehoor aan en laat het uitstrijkje maken. En dat terwijl toch jaarlijks 800 vrouwen de diagnose baarmoederhalskanker krijgen. Een diagnose met veel impact en gevolgen voor deze vrouwen, zoals pijn, complicaties, verminking, ongewilde kinderloosheid en seksuele problemen.

Bedenktijd

Marion, toen 31 jaar en moeder van twee, was vastbesloten na de uitslag: haar baarmoeder moest eruit! De wettelijke bedenktijd die ze daarvoor in acht moest nemen, was een noodzakelijk kwaad; haar beslissing stond vast. ,,Het enige dat ik kon denken was: ‘ik wil geen kanker in mijn lijf’ en ‘ik wil negentig jaar worden’. Dus toen de gynaecologe de opties opsomde, zei ik: ‘haal mijn baarmoeder er maar uit, ik wil dit nooit meer krijgen.”

Toen ik de huisarts vertelde dat ik veel bloed verloor, vroeg hij wat veel was. Ja, wat is veel?

Terug naar september 2018 toen Marion last had van hartkloppingen. De huisarts stuurde haar door naar een cardioloog, ze liep een tijdje met een kastje dat haar hartslag mat. Omdat ze ook vertelde over de hevige bloedingen die ze maandelijks had, kreeg ze ook een verwijsbrief voor de gynaecoloog. ,,Toen ik de huisarts vertelde dat ik veel bloed verloor, vroeg hij wat veel was. Daarop kon ik geen antwoord geven, want ja, wat is veel? Je hebt geen vergelijkingsmateriaal.”

Uitstrijkje

Haar bloed werd onderzocht en een uitstrijkje werd gemaakt. De uitslag was Pap3 en CIN 3. Bovendien had Marion een groot tekort aan ijzer. Naar aanleiding van de uitslag werd weefselonderzoek gedaan. ,,Na twee weken kreeg ik daarvan de uitslag bij de gynaecologe. Omdat ik ervan uitging dat het in orde was, schrok ik toen ik hoorde dat ik een voorstadium van baarmoederhalskanker had. Van HPV had ik nog nooit gehoord en ook toen ik erop googelde kon ik er nauwelijks iets over vinden.”

Ik brak… Toen iemand me vertelde dat ze zwanger was. Ik moest zo hard huilen en ik realiseerde me dat er nog veel onverwerkt verdriet zat.

Na het verwijderen van haar baarmoeder, werkt Marion hard aan haar herstel. ,,Het duurde lang voordat ik weer de oude was, maar ik bikkelde door. Toen iemand vertelde dat ze zwanger was, brak ik. Ik moest zo hard huilen en ik realiseerde me dat er nog veel onverwerkt verdriet zat.”

Achteraf weet Marion wat ze heeft een gemist: een nabehandeling. ,,Een voorstadium van kanker is geen kanker zo wordt geredeneerd. Dus na mijn operatie, was het klaar. Maar voor mij begon het toen eigenlijk pas.” Ze durft nauwelijks meer op haar lichaam te vertrouwen en ontwikkelt hypochondrie. Door gesprekken met professionals krijgt ze weer vertrouwen en haalt ze alles uit het leven wat erin zit en geniet van elke dag.

Missie
Ook heeft ze een missie: benadrukken hoe belangrijk het is om elke vijf jaar een uitstrijkje te laten maken. ,,Als ik vrouwen hoor zeggen dat ze geen gehoor geven aan de oproep, vertel ik mijn verhaal. Ik wist ook niet dat het HPV-virus in mijn lijf zat en ik was er op tijd bij. Maar het had ook anders kunnen aflopen.” Op basisscholen wil ze voorlichting geven. Meisjes, maar ook jongens, wijzen op het belang van het inenten tegen HPV. ,,En dan wil ik vooral de ouders bereiken om ze uit te leggen waarom inenten zo belangrijk is.”

Marion heeft haar leven weer op de rit, heeft haar blik op de toekomst gericht. ,,Ik denk steeds maar: ik ben er nog en voor de rest zie ik wel wat op mijn pad komt.”

Olijf: Voorstadium niet zonder gevolgen

Naast de 800 kankerdiagnoses zijn er jaarlijks ook zo’n 5.000 vrouwen die met een voorstadium van baarmoederhalskanker worden geconfronteerd. Vaak goed te behandelen en belangrijk dat het op tijd is ontdekt, zodat baarmoederhalskanker kan worden voorkomen. Maar ook deze voorstadia zijn niet altijd zonder gevolgen.

Zo voorkomt een ingreep aan de baarmoedermond misschien dat iemand baarmoederhalskanker krijgt, maar wordt het risico op (extreme) vroeggeboorte hiermee wel een stuk hoger. Uit cijfers blijkt dat vrouwen na zo’n ingreep aan de baarmoedermond 61 procent meer kans hebben op een vroeggeboorte dan vrouwen die geen ingreep hebben ondergaan. Of wat te denken als je – door een vergevorderd voorstadium- voor de keuze komt te staan om je baarmoeder preventief te laten verwijderen.

HPV vaccinatie

Daarom pleit Olijf, naast het uitstrijkje, voor de HPV vaccinatie. Want meer dan 98 procent van de gevallen van baarmoederhalskanker en de voorstadia wordt veroorzaakt door het Humaan papillomavirus. HPV is een virus waar 8 op de 10 mensen ooit mee besmet raakt, meestal door seksueel contact. Het virus is erg besmettelijk en kan door elk seksueel contact (dus ook huid tegen huid) worden overgedragen. Een besmetting met HPV wordt meestal binnen twee jaar door je lichaam opgeruimd. Soms kan het langer duren, bijvoorbeeld door roken, en in die tijd al wel afwijkende cellen veroorzaken.

De HPV vaccinatie beschermt tegen twee vormen van HPV, die samen verantwoordelijk zijn voor ongeveer 70 procent van de gevallen van baarmoederhalskanker. Cijfers van het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) tonen aan dat de vaccinatiegraad van meisjes tegen HPV slechts 53 procent is. Dat is weliswaar een stijging van 7,5 procent ten opzichte van 2018, maar nog zeker niet voldoende.